12 januari 2017

Sector welzijn, volksgezondheid en gezin engageert zich om klimaat te verbeteren

 

Het klimaatakkoord van Parijs wordt als historisch beschouwd: op 12 december 2015 werd door alle 195 landen van de wereld een klimaatakkoord aangenomen. Met dit akkoord wordt afgesproken om de globale temperatuurstijging ruim onder 2°C te houden en wordt zelfs de 1,5°C-doelstelling in het vooruitzicht gesteld.  Dit wil zeggen dat Europa tegen 2050 ambieert om 80 tot 95% minder broeikasgassen uit te stoten. Naast ‘Health’ is ook ‘Environment’ in all policies. En daarom draagt tevens de zorg- en welzijnssector zijn steentje bij voor een schoner klimaat. Vandaag werden op het kabinet van Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, de engagementen ondertekend.

Om de uitdaging op klimaatvlak aan te gaan, organiseerde de Vlaamse Regering de Vlaamse Klimaattop. De doelstelling van de top op 1 december 2016 was om samen met alle geledingen van de maatschappij te werken aan concrete acties en maatregelen die bijdragen aan de Vlaamse broeikasgasreductiedoelstellingen.

Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin: ”Tot op vandaag hebben onze koepelorganisaties en hun medewerkers al bewezen dat complexe zorg- en welzijnsuitdagingen zowel efficiënt als met warme menselijkheid aangepakt kunnen worden. De generaties van de toekomst rekenen op ons om die goede zorgen ook na 2050 nog te kunnen aanbieden. Ik ben dan ook verheugd om samen met de acht koepelorganisaties van onze sector, de leidend ambtenaar van het beleidsdomein WVG en het Vlaams Energiebedrijf de klimaatverandering aan te pakken. Hiervoor hebben we vandaag dertien uitgewerkte engagementen ondertekend.”  

13 engagementen
Met onderstaande engagementen wil de sector zijn bijdrage doen aan de verbetering van het klimaat:

  1. Voor alle bestaande gebouwen streeft de sector naar een jaarlijkse energiebesparing van 2,09% tegen 2030. In 2020 wordt deze maatregel al een eerste keer geëvalueerd.
  2. De minister zal aan de sector gericht en met het oog op maximale energiebesparing middelen ter beschikking stellen om energieprestatiediagnoses op maat te financieren. Per voorziening moeten die resulteren in een actieplan met verschillende mogelijke investeringen. In deze diagnose wordt tevens de eventuele haalbaarheid van Energy Service Contracts bekeken en worden bestaande diagnoses in rekening gebracht.
  3. De sector engageert zich om alle voorgestelde maatregelen uit de diagnose die zich binnen de 5 jaar terugverdienen uit te voeren. Zoniet worden de kosten van de diagnose door de voorziening terugbetaald.
  4. De minister zal tevens middelen ter beschikking stellen om via een rollend fonds te investeren in de voorgestelde maatregelen uit de diagnose die een terugverdienperiode van meer dan 5 jaar kennen.
  5. Elke voorziening zal tegen eind 2020 een klimaatvisieplan uitwerken. In overleg met de sector wordt de inhoud van een klimaatvisieplan gedefinieerd.
  6. Alle nieuwbouw in de sector is vanaf 2018 (datum stedenbouwkundige aanvraag) bijna-energieneutraal en duurzaam. Bijna-energieneutraal is kosten-optimaal voor de bestaande EPN-methodiek.
  7. Elke voorziening zal een personeelslid aanduiden dat in zijn tijdsbesteding ruimte en ontwikkelingsmogelijkheden krijgt om de rol van klimaatverantwoordelijke op te nemen. Een voorziening kan er echter ook voor opteren om die rol in te vullen via het inhuren van externe expertise of door krachten te bundelen.
  8. De minister zal de koepelorganisaties inhoudelijk en/of financieel ondersteunen om de eerstkomende jaren hun sensibiliseringsrol met kennis van zaken op te nemen.
  9. De koepelorganisaties zullen het klimaatthema prominent op de agenda van het management en het bestuur van de WVG-voorzieningen proberen te krijgen.
  10. Er wordt maximaal ingezet op hernieuwbare energie en groene stroom in het aankoopbeleid van voorzieningen.
  11. Tools voor monitoring/benchmarking worden ontwikkeld.
  12. De sector stelt gegevens ter beschikking i.f.v. de klimaatdoelstellingen.
  13. De sector wordt actief betrokken bij de verdere uitwerking en operationalisering en bij de opvolging en evaluatie van de diverse aspecten die het voorwerp uitmaken van deze engagementsverklaring.

Partners

  • Lieve Van Den Bossche – Directeur FDGG
  • Annelies Mincke – Coördinator Jo-In
  • Peter Degadt –Gedelegeerd bestuurder ZorgnetIcuro
  • Véronique De Schaepmeester - Gedelegeerd bestuurder Vlozo
  • Luc Jaminé – Algemeen directeur SOM
  • Alex Verhoeven - Directeur Ruimte VVSG
  • Hendrik Delaruelle – Algemeen directeur - Vlaams Welzijnsverbond
  • Ann Gaublomme – Directeur Verso
  • Karine Moykens – Leidend ambtenaar VIPA Departement WVG
  • François Bettens – Algemeen directeur ai – Vlaams Energiebedrijf
  • Jo Vandeurzen - Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin
 

Volg mij ook via

Volg mij op Flickr